Werken in een Freinetschool

Aan de basis van het Freinet onderwijs ligt een van Freinets laatst geschreven publicaties: De pedagogische invarianten. Het werk is gepubliceerd in 1964 en moet gelezen worden vertrekkende vanuit de achtergrond van die jaren. Onderwijs was toen sterk gereguleerd vanuit de top en zijn reactie komt vanuit de basis: Freinet wilde bepaalde rechten en vrijheden bekomen als reactie op de sterke structuren van bovenaf. Het is bovendien geschreven vanuit zijn eigen ervaringen en perspectief op de maatschappij. Door zijn ervaring als soldaat in WO I en de veramerikanisering na WO II was zijn inzicht op het onderwijs en de maatschappij ook sterk politiek gedreven. Hieronder heb ik enkele invarianten gekozen waaruit dat zal blijken. In totaal zijn er 32 invarianten en met deze teksten wou Freinet een duidelijke omkadering geven voor de leerkrachten. Daarbij hoort dan een systeem van verkeerslichten zodat de leerkracht zelf kan zien of de 'pedagogische code' correct wordt toegepast: 

- groen licht voor praktijken conform de invarianten, praktijken waarin de opvoeders zich zonder aarzelen kunnen engageren omdat ze zeker zijn van een geruststellend succes;

-  rood licht voor de praktijken niet conform aan de invarianten en die je dus zo snel mogelijk moet bannen;

- oranje knipperlicht voor de praktijken die, in bepaalde omstandigheden gunstig kunnen zijn maar die het risico lopen gevaarlijk te zijn. Die praktijken moet je enkel tijdelijk gebruiken.


Ik heb ervoor gekozen om de Invarianten eerst in het Frans, daarna in het Nederlands en dan met mijn eigen inbreng weer te geven. Vertalingen door Margot De Meyer en Katrien Nijs (Les Invariants Pédagogiques, Vertaling 2020)

1) INVARIANT nr 1

L'enfant est de la même nature que nous. Il est comme un arbre qui n'a pas encore achevé sa croissance mais qui se nourrit, grandit et se défend exactement comme l'arbre adulte. L'enfant se nourrit, sent, souffre, cherche et se défend exactement comme vous, avec seulement des rythmes différents qui viennent de sa faiblesse organique, de son ignorance, de son inexpérience, et aussi de son incommensurable potentiel de vie, dangereusement atteint souvent chez les adultes. L'enfant agit et réagit en conséquence, et vit, exactement selon les mêmes principes que vous. Il n'y a pas entre vous et lui une différence de nature mais seulement une différence de degré. En conséquence : Avant de juger un enfant ou de le sanctionner posez-vous seulement la question : Si j'étais à sa place comment pourrais-je réagir ? Et comment agissons-nous quand nous étions comme lui ?

De kinderen en wij zijn uit hetzelfde hout gesneden. Het kind is als een boom, die nog niet volgroeid is, maar die zich voedt, groeit en zich verdedigt net als de volwassen boom. Een kind eet, voelt, lijdt, zoekt en verdedigt zich net als jij, enkel met andere ritmes door zijn lichamelijke zwakte, zijn onwetendheid, zijn onervarenheid en ook door zijn onvoorstelbare levenskracht die bij volwassenen vaak gevaarlijk is aangetast. Een kind handelt, reageert en leeft precies volgens dezelfde principes als jij. Tussen jou en de kinderen bestaat geen wezenlijk maar slechts een gradueel verschil. Stel je daarom, voordat je een kind beoordeelt of straft eenvoudigweg de vraag: hoe zou ik in zijn plaats reageren? Wat deden wij wanneer we waren zoals hij?

Opinie:

In De Standaard van 11 maart (Rogiers, 2023) lees ik het volgende citaat van Hanneke Peeters, leerkracht biologie: “Als mens ben ik je gelijke, maar als leerkracht moet ik jullie meerdere zijn, dat is mijn verantwoordelijkheid”. Als principe komt dit overeen met wat Freinet zegt. We staan als leerkracht niet boven een leerling inzake gevoelens of waarde als mens. Maar zoals H. Peeters het aangeeft; we moeten onze verantwoordelijkheid opnemen en een vorm van gezag kunnen uitoefenen. Dit gezag wordt niet meer als vanzelfsprekend gezien zoals in de jaren zestig. Leerkrachten moeten hun respect afdwingen op basis van hun kennis, voorbereiding en klasmanagement technieken. Begrip voor de leerling is nodig, maar het betekent niet dat de lat lager gelegd moet worden. Uiteindelijk is de vakkennis van de adolescent kleiner dan die van een volwassene. Een begrip voor de gelijkheid van de leerling als medemens is een goed vertrekpunt, maar medeleven mag niet ten koste gaan van het bereiken van de leerdoelen. 

2) INVARIANT nr 15 

L'Ecole ne cultive qu'une forme abstraite d'intelligence, qui agit, hors de la réalité vivante, par le truchement de mots et d'idées fixées par la mémoire. Les individus chez qui on a hypertrophié cette forme d'intelligence seront capables de discourir avec virtuosité sur tous sujets appris, ce qui ne les empêche pas d'être parfois inintelligents pour tout ce qui touche à la vie et l'adaptation au milieu Il y a bien d'autres formes d'intelligence, variables selon les incidences du tâtonnement expérimental qui leur a servi de base :

 -l'intelligence des mains qui vient des vertus avec lesquelles on agit sur le milieu pour le transformer et le dominer ; 

-l'intelligence artistique ; 

-l'intelligence sensible qui développe le bon sens ;

 -l'intelligence spéculative qui fait le génie des chercheurs scientifiques et des grands maîtres du commerce et de l'industrie ; 

- l'intelligence politique et sociale qui forme les hommes d'action et les manieurs de foules. 

Le peuple a toujours honoré ces formes diverses d'intelligence. Elles nous ont valu les génies artistiques, les hommes dévoués jusqu'au sacrifice, les inventeurs et les sages, qui, très souvent, avaient échoué à l'Ecole parce que rebelles à ses enseignements traditionnels. La société actuelle a un tel besoin de cadres polyvalents, de chercheurs et de créateurs, qu'une tendance très nette se manifeste souvent hors de l'Université pour la culture de ces formes diverses d'intelligence. Notre pédagogie y pourvoie, et en ce domaine, elle est encore en audacieuse avant-garde. La partie est pourtant loin d'être gagnée. Les « intellectuels » défendent et défendront encore longtemps leurs privilèges, authentifiés par les examens et les parchemins.

De school cultiveert enkel een abstracte vorm van intelligentie die zich - ver van de levende werkelijkheid - voedt met woorden en ideeën, vastgelegd door het geheugen. Individuen bij wie deze vorm van intelligentie zeer sterk ontwikkeld werd, zijn in staat om over alle onderwerpen waarover ze iets geleerd hebben, briljante gesprekken te voeren. Toch zijn ze vaak onverstandig in het gewone leven en hebben ze moeite om zich aan hun omgeving aan te passen. Er bestaan nog andere vormen van intelligentie, verschillend naargelang het uitgangspunt van het experimenteel zoeken dat zij als basis genomen hebben:

 • de intelligentie van de handen, die voortvloeit uit de kwaliteiten waarmee men vat probeert te krijgen op de omgeving, om die om te vormen en te beheersen;

 • de artistieke intelligentie;

• de intelligentie van het gezond verstand;

• de speculatieve intelligentie, het genie van wetenschappelijke onderzoekers en grootmeesters van handel en industrie;

• de politieke en sociale intelligentie, die mensen van actie en volksmenners vormt.

Het volk heeft altijd deze diverse vormen van intelligentie erkend. Zij brachten genieën van de kunst, toegewijde mensen tot offers bereid, uitvinders en wijzen voort, allemaal mensen die het dikwijls niet goed deden op school, precies omdat ze rebelleerden tegen de traditionele leermethodes. De huidige maatschappij heeft zo'n grote behoefte aan polyvalent kaderpersoneel, aan onderzoekende en creatieve krachten, dat we vaak buiten de universiteit een duidelijke tendens zien tot het ontwikkelen van diverse vormen van intelligentie. Onze pedagogie voorziet hierin en is op dit punt dapper en vooruitstrevend. Maar de slag is nog lang niet gewonnen. De "intellectuelen" verdedigen hardnekkig hun privileges, door examens verkregen en op perkament vastgelegd. 

Opinie:

Freinet was zeker juist met de idee dat er verschillende vormen van intelligentie bestaan. Ik vind zijn verdeling hierboven interessant. Daarna zijn nog andere karakteriseringen van intelligentie gemaakt zoals door Gardner in 1983: verbaal/linguïstisch, logisch/mathematisch, visueel/ruimtelijk, muzikaal/ritmisch, lichamelijk/kinesthetisch, interpersoonlijk, intra persoonlijk, natuurgericht. Freinet zegt dat we elk kind de kans moeten geven zich op verschillende manieren te leren ontplooien en dat door veel ervaringen op te doen. Hij hekelt de traditionele manier van lesgeven waarbij er enkel aandacht wordt geschonken aan theorie. 

Tijdens de lessen didactiek hebben we al verschillende onderwijsvormen bestudeerd. We hebben ook gezien dat differentiatie binnen de klas gegarandeerd moet worden. Niet alleen om tegemoet te komen aan verschillende leersnelheden, maar ook omdat de methodes om nieuwe dingen aan te leren bij de leerlingen kunnen verschillen. De beste methode bestaat niet, een combinatie van dual coding, scaffolding, groepswerk en individueel werk enzomeer zijn in ons huidige onderwijssysteem niet meer weg te denken. 

Wel zien we dat er soms nog een soort hiërarchie toegekend wordt op basis van bepaalde talenten. Met de vernieuwing van het onderwijs is er de hoop dat het watervalsysteem verdwijnt en dat we de verschillende stromen naast elkaar kunnen zien i.p.v. boven of onder elkaar. Doorstroom en arbeidsgericht hebben dan dezelfde waarde in de maatschappij. 

3) INVARIANT nr 7 

Chacun aime choisir son travail, même si ce choix n'est pas avantageux. Donnez un bonbon à un enfant. Il sera satisfait certes, mais n'en regardera pas moins avec envie le restant de la boîte. Présentez-lui la boîte pour qu'il choisisse. Il sera beaucoup plus satisfait, même si son choix n'est pas avantageux. Là aussi c'est la liberté qui colore de rouge, d'orange ou de vert la décision à intervenir. Nous avons dit déjà comment pour la préparation du travail nous donnons aux enfants le choix des thèmes au lieu d'en faire d'autorité la distribution. Cet invariant est une des raisons qui font le succès de nos fichiers auto-correctifs et de nos bandes enseignantes. Avec le manuel de calcul, l'enfant n'a aucune latitude. Les exercices à faire sont imposés par le livre ou par le maître. L'enfant n'a qu'à s'aligner sans rien dire. Donnez aux enfants la liberté de choisir leur travail, de décider du moment et du rythme de ce travail et tout sera changé. Imposez aux élèves un texte à lire et à étudier. Ils n'y ont ni appétit ni enthousiasme. Laissez-leur la liberté de choisir comme nous le faisons par le texte libre, le travail se fera alors dans un climat beaucoup plus favorable. Ce principe, valable pour tous les individus, motive la survivance en France de l'artisanat. Au travail imposé à l'usine, l'ouvrier préfère son activité d'artisan, qu'il pratique à l'heure et au rythme qui lui convient, même si ce choix lui vaut des journées plus longues et plus fatigantes.

Iedereen kiest graag zelf zijn werk, zelfs als deze keuze geen voordeel oplevert. Geef een kind een snoepje. Het zal er natuurlijk blij mee zijn, maar ook verlangend kijken naar de andere in de doos. Bied het kind de doos aan en laat het zelf kiezen. Het zal er veel meer voldoening van hebben, zelfs als de keuze niet voordeliger uitvalt. Hier is het weer de (mate van) vrijheid die de beslissing om tussen te komen groen, oranje of rood kleurt. Ik zei al dat wij de kinderen bij de voorbereiding van het werk de vrije keuze laten tussen verschillende thema's en de onderwerpen niet zelf toekennen. Deze invariant verklaart het succes van onze autocorrectieve fiches en onze werkrolletjes. Het rekenboek laat geen ruimte voor eigen keuze. De oefeningen worden opgelegd, door de leerkracht of door het boek. Het kind voert stilzwijgend uit... Geef de kinderen de mogelijkheid vrij een taak te kiezen, te beslissen op welk moment ze ermee willen beginnen en op welk ritme ze eraan werken, alles zal veranderen. Wie zal een leestekst die je opdringt, mooi vinden? Als je de kinderen de vrijheid laat hun eigen tekst te kiezen, zoals wij doen via de vrije tekst, verloopt het werk in een veel gunstiger klimaat. Dit principe geldt voor iedereen. Het verklaart ook het verder bestaan van de vrije ambachten: de ambachtsman verkiest zijn ambacht, dat hij uitvoert op het uur en ritme dat hem past, boven het opgelegde fabrieksritme, zelfs wanneer hij op die manier harder en langer moet werken.

Opinie:

Ik zou opteren voor een combinatie van vrij te kiezen opdrachten en opgelegde taken en dit zowel met een deadline als zonder. Te veel vrijheid geven aan kinderen op school vind ik geen goed idee. Kinderen moeten leren dat we heel vaak niet kunnen kiezen wat we willen doen en dat we dat soms moeten accepteren. Werken op het uur en ritme dat je past is voor heel weinigen weggelegd later in het beroepsleven en als je als kind altijd je zin krijgt, zal dat problemen geven.

Aan de andere kant is het leren kiezen ook belangrijk. Kiezen is namelijk risico's durven nemen en fouten durven maken. (Hoe leer ik mijn kind kiezen, Ouders & Coo Magazine, 2011). De volgende tips uit hun stappenplan om te leren kiezen kunnen als leerkracht op een doordachte manier in het lessenplan verwerkt worden:

  • open vragen stellen
  • de keuzes beperken
  • niet onderbreken, niet redden
  • verhelderende vragen stellen
  • goede zaken benoemen: "Ik zie hoe enthousiast en gemotiveerd je bent."

Daarna is het belangrijk te verwoorden met je leerlingen wat die vrijheid om te kiezen inhoudt; namelijk dat je dankbaar kunt zijn voor de keuzes, dat je achter je keuze staat eenmaal die genomen is en de consequenties ervan accepteert.

4) INVARIANT nr 22 :

 L'ordre et la discipline sont nécessaires en classe. On croit trop souvent que les techniques Freinet s'accommodent volontiers d'un manque anarchique d'organisation, et que l'expression libre est synonyme de licence et de laisser-aller. La réalité est exactement contraire : une classe complexe, qui doit pratiquer simultanément des techniques diverses, et où on essaye d'éviter la brutale autorité, a besoin de beaucoup plus d'ordre et de discipline qu'une classe traditionnelle, où manuels et leçons sont l'essentiel outillage. Mais il ne saurait s'agir là de cet ordre formel qui se traduit tant que le maître surveille, par du silence et des bras croisés. Nous avons besoin d'un ordre profond inséré dans le comportement et le travail des élèves ; d'une véritable technique de vie motivée et voulue par les usagers euxmêmes. Ce ne sont pas là des mots mais des réalités possibles dans toutes les classes qui s'orienteront vers le travail nouveau. L'ordre et la discip1ine de l'Eco1e Moderne c'est l'organisation du travail. Pratiquez les techniques modernes pour du travail vivant les enfants se disciplineront eux-mêmes parce qu'ils veulent travailler et progresser selon des règles qui leur sont propres. Vous aurez alors dans vos classes l'ordre véritable. 

Orde en discipline zijn noodzakelijk in de klas. Men denkt te vaak dat de freinettechnieken orde noch leiding veronderstellen, dat vrije expressie een synoniem is van losbandigheid en laisser-faire. De werkelijkheid is precies het tegenovergestelde: een complexe klas, die op hetzelfde moment met verschillend werk bezig is en waar men probeert de brute autoriteit te vermijden, heeft veel meer behoefte aan orde en discipline dan een traditionele klas, waar leerboeken en lessen de voornaamste werkinstrumenten zijn. Maar het gaat hier niet om de formele orde die je ziet zolang de leerkracht kijkt: stilte en gekruiste armen. Wij hebben een diepere orde nodig, die deel uitmaakt van het gedrag en het werk van de kinderen, een echte levenstechniek, door de gebruikers zelf gemotiveerd en gewild. Dit zijn geen holle woorden, maar werkelijkheden die mogelijk zijn in alle klassen die zich ornteren naar het nieuwe werk. De orde en discipline van de Moderne School dat is de organisatie van het werk zelf. Pas de Moderne technieken toe voor levend werk en de kinderen zullen zichzelf disciplineren omdat ze willen werken en vooruitkomen volgens hun eigen regels. Zo zal je dan echte orde in je klas krijgen.

Opinie:

De Moderne Technieken waarover Célestin Freinet het heeft, komen in grote mate overeen met wat nu klasmanagement wordt genoemd. Er is veel veranderd sinds de jaren zestig qua discipline in het onderwijs. In onze maatschappij ligt de nadruk op een positief leerklimaat met als basis taalontwikkelend lesgeven. De drie pijlers van taalontwikkelend lesgeven zijn context, interactie en taalsteun.

Van jongeren wordt niet meer verwacht dat ze stilzwijgend in de klas zitten. Integendeel het is belangrijk dat ze op een waardige manier leren discussiëren en voor hun mening uitkomen. Om een positief leerklimaat te krijgen, kun je bvb samen regels opstellen en afspraken maken. Wie zich daar niet aan houdt, weet dan perfect wat de gevolgen zullen zijn.

Een positief leerklimaat leer je ook door leerlingen te laten samenwerken in heterogene groepen. Ze leren luisteren naar elkaar en leren van elkaar. Dit is het coöperatieve aspect van Freinet. Door context aan te brengen, wek je hun interesse, dit komt overeen met het opstartmoment op de Freinetschool waar de onderwerpen van de dag besproken worden. Ook taalsteun is een vorm van motivering bvb door positieve feedback te geven. In het Freinet onderwijs is feedback over leerinhoud en werkstrategie heel belangrijk. In de praktijk zien we dus dat vele Freinetmethodes ook in het hedendaagse standaardonderwijs verweven zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten